1–26
De vijver
Waterlelies, een reiger en een punter. Hier leer je het bord kennen.
Het Woordpad
Geen wereldkaart vol sterren, maar een wandeling die je op je eigen tempo maakt. Het bord groeit met je mee, het landschap verandert onder je voeten en af en toe staat er iets langs de kant dat je niet zag aankomen.
levels van begin tot einde
landschappen onderweg
zo groeit het bord
levels doorbreekt het ritme
De landschappen
Tweehonderdvijftig levels in elf landschappen. Het bord groeit mee tijdens je wandeling en elk landschap heeft zijn eigen kleur, geluid en woorden.
1–26
Waterlelies, een reiger en een punter. Hier leer je het bord kennen.
27–45
Bemoste rotsen, een boomhut en de eerste kronkelwoorden tussen de varens.
46–60
Stroomversnellingen en een oude watermolen: het tempo gaat omhoog.
61–90
Open land, lange namiddagen en borden die merkbaar groter worden.
91–105
Rechte voren en een picknick aan de rand van het veld.
106–125
Een halte, een seinhuis en de eerste woordenketting.
126–150
Stil water, spiegelbeelden en vormen die hun tegenpool zoeken.
151–175
Een kampvuur, gevallen bladeren en de eerste avonden onder het tentzeil.
176–195
Voorgebergte en een hangbrug: met elk level wordt het uitzicht weidser.
196–200
Vijf levels boven de wolken, met De Ronde Wereld als mijlpaal.
201–250
Boerenland dat overgaat in de bijenstal. De laatste 25 levels speel je op de raat.
Het ritme
Het eerste bord is zes bij zes met drie woorden. Op het einde speel je op achttien bij achttien. Daartussen zit geen trap, maar een ademhaling: rustige levels, dan een uitschieter en daarna weer rust.
Een groter bord dan de omliggende levels, of een special die de regels helemaal omgooit. Daarna keer je terug naar het gewone tempo.
Er komt een nieuw puzzelboekje op de plank: vijfenzeventig levels met één spelvorm, om apart te bewandelen.
Blitz op 50, Het schetsboek op 100, De Blauwdruk op 150, De Ronde Wereld op 200 en de raatfinale op 250.
Onderweg
Tweehonderdvijftig levels lang valt er telkens iets nieuws te beleven. Dit zijn de momenten die je bijblijven, de rest van het pad ligt ertussen.
Het eerste woord dat niet in een rechte lijn loopt. Vanaf hier weet je dat het bord meer kan dan het laat zien.
Je eerste puzzelboekje komt op de plank. Vijftien levels vol ijs om apart te bewandelen.
De eerste mijlpaal en meteen de enige met haast. Vanaf hier is elke vijfde level een special.
Twaalf reisherinneringen op één bord van twaalf bij twaalf. Je blikt terug op honderd levels.
Je krijgt het bouwplan, niet de woorden. Eerst denken, dan zoeken, halverwege het pad.
Het bord heeft geen randen meer: woorden lopen er langs de ene kant uit en komen er langs de andere weer in.
De laatste vijftig levels speel je op de honingraat. Op 250 sluit het schetsboek de reis af.

Elke taal heeft haar eigen Woordpad, met eigen woorden en een eigen kleur: de IJ-kleur voor het Nederlands, een andere tint voor het Zweeds. In je eigen taal is het pad helemaal gratis. In elke andere taal kun je de eerste vijfentwintig levels gewoon meespelen.
De vijftien talen →De eenentwintig spelvormen →Wat is gratis? →